Paus bevestigt leer over doodzonde
Hilversum (Van onze redactie/Zenit) 16 maart 2005 - Katholieken die zijn opgegroeid met de schoolcatechismus weten het nog precies: er bestaan twee soorten zonden, de dagelijkse zonden en de doodzonden. Onlangs heeft Johannes Paulus II dit onderscheid weer bevestigd. Hij benadrukte dat mensen die weten dat ze een doodzonde hebben begaan, niet te communie mogen.
Gewetenszaken
De paus schreef over de doodzonde in zijn boodschap aan jonge priesters die vorige week deelnamen aan een moraaltheologische cursus over het forum internum. Zo wordt in de RK-Kerk de morele toestand van het innerlijk aangeduid. Het forum externum is de uitwendige en daardoor waarneembare morele toestand van personen en zaken. De cursus was georganiseerd door de Apostolische Penitentiarie, het hoogste pauselijke tribunaal voor gewetenszaken.
Biecht
"Vaak lijkt het erop dat we in een maatschappij leven die het besef van God en zonde verloren heeft", schrijft de paus in zijn boodschap, in het Gemelli Ziekenhuis getekend op 8 maart. "In die context is Christus' uitnodiging tot bekering des te dringender. Die bekering impliceert een gewetensvolle biecht van iemands zonden en het daaraan gerelateerde verzoek om vergeving en verlossing".
Communie
Johannes Paulus benadrukt dat de traditie van de Kerk het boetesacrament altijd in relatie met de eucharistie heeft gezien. "Al in de eerste christelijke gemeenschappen bestond de behoefte om zich door een waardige levensstijl goed voor te bereiden op het breken van het eucharistische brood. Dat is de 'Communie' met het lichaam en bloed van de Heer én de 'communie' met de gelovigen die één lichaam vormen als zij met hetzelfde lichaam van Christus worden gevoed."
Onwaardig eten en drinken
Met betrekking tot de tweeledige betekenis van 'communie' citeert de paus uit de Eerste Brief aan de Korinthiërs van Sint Paulus: "Wie op onwaardige wijze het brood eet of uit de beker van de Heer drinkt, bezondigt zich aan het lichaam en het bloed van de Heer. Iedereen moet zichzelf onderzoeken alvorens van het brood te eten en uit de beker te drinken. Wie eet en drinkt zonder het lichaam te onderkennen, eet en drinkt zijn eigen vonnis." (1 Kor 11: 27-29).
Trente
De paus legt bovenstaande bijbelpassage uit aan de hand van de leer zoals die werd gedefinieerd door het Concilie van Trente. "Alleen iemand die zich er oprecht van bewust is geen doodzonde te hebben begaan, mag het Lichaam van Christus ontvangen. Dit blijft ook heden ten dage de leer van de Kerk".
Katechismus
De leer over de doodzonde en de dagelijkse zonde wordt uitgelegd in Katechismus van de Katholieke Kerk (KKK), de nummers 1854 tot 1864. In 1855 staat: "De doodzonde vernietigt de liefde in het hart van de mens door een zware inbreuk op Gods Wet. (..) De dagelijkse zonde laat de liefde bestaan, ook als beledigt en kwetst ze die." Doodzonden zijn overtredingen van de Tien Geboden, maar wegen niet even zwaar. "Moord is erger dan diefstal", geeft de KKK als voorbeeld. Van doodzonde is volgens de wereldcatechismus van 1995 slechts dan sprake als de zondaar beschikt over "volle kennis" van het zondige karakter van de daad en als hij volledig en vrij met de daad instemt.










