Boekrecensie: Maria Magdalena
11 maart 2009
Over Maria Magdalena verscheen de laatste jaren een massa literatuur. Het boekje van Régis Burnet steekt daar gemakkelijk bovenuit: licht verteerbaar, to the point en wetenschappelijk verantwoord. De receptiegeschiedenis van de ‘veelvormige’ Maria Magdalena wordt in een notendop gepresenteerd. Een aanrader.
door Frank G. Bosman
The Da Vinci Code
Over Maria Magdalena zijn de laatste tijd boekenkasten vol gepubliceerd, met The Da Vinci Code van Dan Brown als onmiskenbaar publicitair hoogtepunt. Die werd geïnspireerd door het boek Holy Blood Holy Grail. Daarin wordt Maria Magdalena voorgesteld als de uitverkoren apostel en minnares van Jezus van Nazareth.
Vele gedaantes
Régis Burnet neemt de hedendaagse, laatmoderne ‘verering’ van Maria Magdalena tot uitgangspunt voor zijn zoektocht langs twee millennia kerkgeschiedenis. In de loop daarvan heeft de Vrouw van Magdala vele gedaantes aangenomen, afhankelijk van de wijze waarop het (kerkelijk) gezag haar wilde inzetten: de zondares van Bethanië, een bekeerde prostituee, een ascetische woestijnmoeder, patrones van zwangere vrouwen, onderwerp van ontelbare legendes en verhalen.
Traditionele Maria bestaat niet
Maria Magdalena is voor Burnet een ‘samengesteld verhaal’. Sint Maria Magdalena zoals we die uit de christelijke traditie kennen, bestaat volgens haar niet. Zij is samengesteld uit verschillende bijbelse figuren en uit de fantasie van christelijke auteurs van preken, meditaties en romans. Het siert de auteur dat ze niet probeert de ‘ware’ Maria Magdalena uit de krochten van de geschiedenis te peuteren. Ze wil een beeld schetsen van de vele gezichten van de heilige van Bethanië. “Dit boek is niet bedoeld als een kritiek op alle mogelijke ficties. (…) Wel willen we nagaan hoe elke tijd de vrouw uit Magdala naar zich toe heeft gehaald om zijn eigen Magdalena te construeren," aldus de achterflap van het boek.
Apostel der Apostelen
Burnet begint zijn verhaal over de ‘samengestelde’ Maria Magdalena met een inventarisatie van de bijbelse gegevens. Die blijken er bar weinig te zijn. In de verhalen rond de ‘zalving te Bethanië’ wordt met geen woord over de vrouw van Magdala gesproken. Ze is wel getuigen bij de kruisiging, de graflegging en – heel belangrijk – bij de verrijzenis. De verrezen Heer - daarover zijn de evangelisten het opvallend met elkaar eens - draagt haar op het goede nieuws aan zijn apostelen te brengen. Daarmee wordt ze tot een soort ‘superapostel’ of ‘apostel der apostelen’. En zo vereren de kerkvaders haar ook. Het is paus Gregorius de Grote (540-604) die in twee preken de ‘zondige vrouw’ uit het Bethanië-verhaal vereenzelvigd met de getuigen van Jezus’ lijden en verrijzen. Bovendien koppelt hij uitdrukkelijk een berucht vers uit Lucas - Maria Magdalena uit wie zeven demonen gedreven waren - aan de beschuldiging van een liederlijk en seksueel getint leven. Maria als prototype van de bekeerde zondares begint langzamerhand die van superapostel te verdringen.
Superzondares
In de Middeleeuwen wordt Maria Magdalena spreekbuis van de Moderne Devotie, de beweging in de Lage Landen die streeft naar eenvoud en verinnerlijking. Rond Maria Magdalena worden verschillende verhalen bedacht om de lacunes in het Nieuwe Testament op te vullen. Zo is de bezitster van een groot kasteel aan het meer van Tiberias, die zich op Christus’ woord bekeerde en de laatste dertig jaar van haar leven doorbracht in de wildernis, ‘haar schaamte enkel bedekkend met haar haar’. Vooral dit laatste beeld is door honderden kunstenaars vereeuwigd op schilderijen. Ze wordt dan niet meer zo vaak met een kruikje olie afgebeeld, maar met een kaars en een schedel (symbolen van eindigheid). De nadruk ligt op haar bekeerling-zijn. Tijdens de Contrareformatie werd zij door de katholieke theologen ingezet als verdediging van het sacrament van de biecht en als bewijsplaats voor de nuttigheid van goede werken. Dit laatste gaat in tegen het reformatorische idee dat vergeving louter ‘om niet’ door God geschonken wordt, en onafhankelijk is van goede werken. Zo werd de superapostel een ‘superzondares’. Vervolgens gaat Régis Burnet uitgebreid in op de moderne geschiedschrijving rond Maria Magdalena, die wij zo goed kennen uit de recente reli-thrillers: Maria Magdalena als ingewijde en geliefde van Jezus, al dan niet door hem bezwangerd.
Kritische afstand
Burnet is een begaafd schrijver, die blijkt geeft de belangrijkste literatuur gelezen te hebben en het onderwerp te beheersen met kritische afstand. Hij doceert 'Geschiedenis van het christendom' aan de universiteiten Paris-VII en Parijs-VIII. Het boek is rijkelijk van voetnoten voorzien, zodat het gemakkelijk is om over bepaalde onderwerpen meer informatie te vinden. Zonder voetnoten echter leest het boek ook ‘gewoon’ door, wat wel zo prettig is voor de gemiddelde lezer.
Mooie vertaling met schoonheidsfoutjes
Wouter Meeus heeft Burnets Frans op een mooie manier vertaald: geen kromme zinnen of letterlijk vertaalde en dus voor ons onbegrijpelijke uitdrukkingen. Ook heeft hij de uitgave hier en daar aangepast aan het culturele universum van de Nederlandstaligen en verwijst hij geregeld naar typisch Nederlandse of Vlaamse situaties. Zo verhaalt hij over de Magdalenahuizen en –stichtingen in Nederland en Vlaanderen voor ‘gevallen vrouwen’, die later veranderden in de zo bekende in blijf-van-mijn-lijfhuizen (p. 101). Hierdoor lijkt het niet op een vertaling, maar op een origineel Nederlands boek. En dat is een compliment waard. Wel maakt Meeus zich herhaaldelijk schuldig aan vlamismem, typisch Vlaamse uitdrukkingen. Meestal tovert dit een glimlach op het gezicht als hij bijvoorbeeld 'eenklank' vertaalt in plaats van 'harmonie' (p. 71) of 'hoogdringend' in plaats van 'zeer noodzakelijk' (p. 77). Het begint te schuren voor een lezer als hij de Vlaamse uitdrukkingen gaat gebruiken als 'dat Maria Magdalena zich niet laat pramen' (p. 81) dat zo iets moet betekenen als ‘je niet laten kisten’. Toch maakt Meeus ook af en toe serieuzere fouten. Zo vertaalt hij “maar” waar onmiskenbaar 'slechts' moet staan: “een bekoring is maar (lees: slechts) een bekoring als ze minstens als fantasma werkelijkheid kan worden” (p. 72). Boeken die ook met het oog op de Nederlandse markt geschreven of vertaald zijn, dienen extra zorg te besteden aan de zorgvuldigheid van het gebruikte Nederlands.
Aanrader
Al met al: een echte aanrader voor wie zich eens laagdrempelig, maar wel wetenschappelijk verantwoord wil verdiepen in het leven van Maria Magdalena.
Régis Burnet, Maria Magdalena - Van boetvaardige zondares tot echtgenote van Jezus, Averbode (2009), 180 pagina’s, € 19,95, ISBN 9789031727223
De recensent is drs. Frank G. Bosman. Hij is theoloog en verbonden aan de Faculteit Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg. Zie zijn weblog: www.goedgezelschap.eu.











